2016

Nu de herfstkleuren in volle glorie zijn, net voor de bomen vervellen tot lege takken en daarmee het einde van het jaar aangeven, blik ik al eens terug.
2016, tussen rauw en rouw, en veel schakeringen daar tussen in.
Januari. Toen het verdict viel. En we wisten dat 2016 een jaar van afscheid van één van de dierbaarsten zou worden. Al die intense contacten nog, bezoekjes die zoveel meer gingen betekenen, al waren ze vooral groots in hun eenvoud. Vertrouwdheid en ongemak. Dicht bij elkaar, nog dichter.
Het verjaardagsfeestje van de oudste mini dat het laatste samen zou worden. 4 jaar, voor altijd een mijlpaal. “Vanaf nu word ik groter, en groei ik tot aan de hemel, tot bij Karine.” Zo gaan kinderen er mee om, en hadden wij er maar wat van overgehouden.
Het afscheid. Een eerbetoon. Intens, alweer, net als die weken voordien. Familie-bijeenkomsten die sindsdien gezellig maar breekbaar zijn. Een lege plek, een gat in het hart. Wat onvervangbaar is, moet ook een (nieuwe) plaats krijgen.

Het crashke, zoals ik het noem. Het mijne dus. Toen het licht even uitging, al redelijk snel in dat nieuwe, onbehaaglijk voelende 2016. Iets teveel ballen al maanden aan een stuk omhoog aan het proberen houden. De usual ballen, zoals elk gezin dat moet doen. Maar ik kreeg er een paar bij, waar ik me geen baas over zag. Een menignoom in het hoofd van de mutti en niet goed weten waar dat ons zou brengen, een wankelend lief, een slecht slapende peuter, de race tegen de klok en het verkeer elke dag onderweg naar Brussel. De hoge drempel om misschien eens hulp te vragen. Want neuten, dat doe je niet. De berg (het afscheid) waar we voor stonden die heel erg onoverkomelijk leek. Toen gebeurde er iets vervelends, maar banaal. Mijn portefeuille en GSM werden gestolen. Twee dingen zorgden ervoor dat het in mijn hoofd even ging knetteren, waardoor daarna het licht uitging: het pasfoto’tje van de mini in de portefeuille waarvan ik de gedachte niet kon bannen dat een viezerik daar nu naar zat naar te kijken. En de sms’en van K in mijn GSM die ik kwijt zou zijn. “Ik ben niet ziek”, zei ik tegen de huisarts, waar ik dan toch eindelijk een afspraak nam met een barstend hoofd en een slepend lijf. En toen gingen de sluizen open, en stopte ik pas echt met wenen weken later. Rust hielp. En schrijven ook.

Een ontroostbaar lief. Verscheurd tussen missen van de onvervangbare en de wens om het leven verder te leven. “Genieten van de zon, ik weet niet meer hoe dat dat moet”. Dat vat de zomer voor haar samen, denk ik.
Rouwen, zo heb ik geleerd, moet of wilt ze grotendeels alleen doen. Het is een andere planeet, en er zijn soms weinig verbindingswegen naar toe. Verdriet staat nooit op zichzelf. Verdriet betekent ook slapeloze nachten, rugpijn, stressgevoelig, geen liedjes op de radio. Bij de vraag ‘hoe gaat het nu met haar?’ denk ik twee keer na. Veel mensen vinden al gauw dat het beter moet gaan…

Ondertussen staat de radio bij ons wel weer aan…

De kinderwens. Hartswens, die ik nooit echt ondanks alles, los gelaten had. De keuze voor het leven. Mini 3 is levenskracht. Een niet evidente beslissing. Sowieso. Kwam daar nog bij: de veelal ongevraagde meningen die mensen erop na houden wanneer je beslist voor een derde kind te gaan. Eén enkele opmerking die echt kwetste, maar veel gelukswensen die dat overstemden. Straks wanneer mini 3 zich aandient, zullen er weer veel emoties zijn. Dankbaarheid en kwetsbaarheid. En de wetenschap dat in elk jaar, hoe donker ook, er altijd ook iets van licht zal zijn.

dsc_00251

Volg Pitcoaching via

Auteur: Jessie

Houdt van PIT. Verhalen. Onderweg zijn. Koffie. Haar dochters. Golven. Wijn. Hiking. Tennis. Muziek. Reizen. Felblauwe lucht. Cycling. Woorden. Kleine sprokkels van geluk. #pitcoaching #pitverhalen

Eén gedachte over “2016”

Geef een reactie