We zijn er nog niet

“We zijn er nog niet.” Dat dacht ik toen ik Merkel hoorde verklaren waarom zij tegen het holebihuwelijk in Duitsland gestemd heeft. Ondanks mutti Merkel’s tegenstem, werd op 30 juni 2017 in Duitsland het holebi huwelijk eindelijk gestemd.
Duitsland palaverde al een decennium over het holebihuwelijk, en de stemming kwam er pas na een koerswijziging van Merkel. Die gaf –om electorale redenen- haar conservatieve CDU leden “toestemming” om “volgens hun geweten” te stemmen. Er werd afgestapt van de gebruikelijke partijdiscipline. Merkel stemde zelf tegen, maar uiteindelijk schaarden 393 parlementsleden voor, 226 tegen en vier anderen onthielden zich. De voor-stemmers waren de drie linkse partijen in het Duitse parlement, aangevuld met een aantal partijleden van Merkels conservatieve partij CDU.
Ik ben Merkel de laatste jaren enorm gaan waarderen als sterkste Europese politica die haar nek durft uit te steken op moeilijke thema’s, tegen het populisme in. Die haar rug recht houdt, zich beroepend op universele waarden en rechten van de mens. Haar beleidslijn ten aanzien van de migratie crisis verdient alleen maar respect en erkenning en we kunnen alleen maar hopen dat er nog politici opstaan met een sterke Europese visie en politieke moed.
Net daarom stelde haar nee-stem me zo teleur. Ik moet inderdaad niet vergeten dat Merkel een conservatief is, maar toch. Je zou er anno 2017 van uit gaan dat wanneer iemand zich beroept op universele waarden, en een vuist maakt tegen racisme en xenofobie, dat die persoon die lijn doortrekt wanneer het aankomt op rechten voor holebi’s. Niet dus. We zijn er dus nog niet.
Hoe het anders kan, toont Justin Trudeau. Kijk even en geniet mee van deze foto’s. trudeau trudeau1 trudeau2 trudeau3

OK, hij weet allicht ook wel dat hij bij een bepaald publiek scoort met deze publieke vertoning. Maar mij komt het heel authentiek en oprecht over. Trudeau steekt elke keer weer zijn nek uit. Bij de samenstelling van zijn regering. In de vluchtenlingencrisis, rond het verdrag van Parijs. Hij past inclusiviteit toe in zijn beleid, en draagt dit ook wereldwijd uit. Ik was al in de ban van Canada na onze roadtrip daar, en ben het nu nog meer. 

“Ik ben er nog niet.” Dacht ik toen ik huiswaarts reed na de laatste 2 daagse van mijn opleiding stakeholdermanagement. Ik had er net een geweldige eindpresentatie op zitten, nabespreking en inspirerende afronding met een fantastisch leuke groep professionals. Maar ik reed naar huis met een iet wat wrang gevoel. Omdat ik ‘vergeten’ iets recht te zetten was. Dat kwam zo. Met een klein groepje hebben we gedurende heel de opleiding gewerkt op een case. Gezien ons doel was om het stakeholderproces dat we zouden faciliteren te doen ‘bruisen’, hadden we onszelf omgedoopt tot de ‘cava-girls’. De cava-girls zijn 4 fantastische, sterke, open minded vrouwen en ik die hands-on en vol creativiteit aan de slag gingen om onze case uit te werken. Ons privé leven kwam wel eens aanbod, maar buiten eens een naam van een kind dat viel, wisselden we vooral interessante professionele informatie uit. Op weg naar ons stakeholdermoment, allen samen wat langer in de auto, begonnen – hoe gaat dat ook met 5 vrouwen in één auto- we te tateren over life. Ik zat achterin in het midden – de jonkie van den hoop. Het ging over mijn vroeg opstaan en de onderbroken nachten. De cava-girl naast mij merkte op “Ja maar, kan jouw man dan ook niet eens opstaan.” En ze vervolgde met een verhaal over haar man, en daar pikte iemand anders op in. En voor ik het wist ging het verhaal verder, en ging het nog eens over Jessie haar man, en had ik plots een hoge drempel om tussenbeide te gaan komen en te corrigeren tot ‘de vrouw van Jessie’.
Djeeeeeeez. Ik ben 38 jaar en al 20 jaar uit de kast, en plots daar gepropt tussen 4 andere vrouwen in de auto toen het by the way keigezellig was, had ik drempelvrees om mijn coming out te doen. Of had ik er even geen zin in. Maar hoe langer ik wachtte, hoe moeilijker het werd. Ik wist dat ik er nog op terug zou moeten komen, en hoe langer ik daarmee zou wachten, hoe stommer dat zou zijn. Maar ik zei niets, en achteraf kon ik me keihard op m’n kop kloppen. Thuis gekomen vertelde ik het aan Jak, en die snapte er niets van. Ik kon het toch keigoed vinden met die dames?
Ik weet niet wat er precies speelde, alleen dat ik voor een keer gewoon even mee in de flow wou. Maar toen ik thuis kwam en mijn kinderen zag dacht ik wel: gij zijt een nette, je wil dat je kinderen erover fladderen alsof het de gewoonste zaak van de wereld is, en dan vind je het plots toch even zelf ook terug eens moeilijk.
Dat nog eens gevoeld hebben, deed me inzien: we zijn er nog niet. Alle wettelijke en publieke zaken ten spijt, begint en eindigt alles met zelf in je kracht staan. Jezelf graag zien en elke keer opnieuw jezelf, je echte zelf, willen tonen. Zo voelt kwetsbaarheid dus.

WP_20170622_18_22_13_ProDe cava-girls die klinken op een geslaagd stakeholdermoment.

Volg Pitcoaching via

#wijoverdrijvenniet

Charlie Mag is uitgegroeid tot een digitaal (vrouwen)blad met ballen. Echte verhalen van echte mensen die in reguliere media amper aanbod komen. Relevante onderwerpen die voer zijn van debat. Die discussie opleveren. En iets op de agenda zetten. Zo ook weer dit weekend. Opener van het journaal: de #wijoverdrijvenniet virale storm die onstond na (alweer) een persoonlijk, sterk stuk op Charliemag.be.

Deze keer over ongewenste handtastelijkheden en intimidatie en lik op stuk op Marc Didden’s column over “truttebollen” die zagen wanneer ze nagefloten worden door bouwvakkers en de feminisme-slinger laten doorslaan.

Het stuk kreeg vele honderden reacties, allemaal meisjes en vrouwen die hun eigen ervaringen deelden. Slechts enkele van de zovele incidenten die ze hebben meegemaakt. Mannen reageerden gelukkig ook. Ontsteld over de dingen die ze lazen. Het stuk maakte echt iets los. Er kwam een groot stuk in de weekendkrant van De Standaard, #wijoverdrijvenniet bleef trending op twitter, het journaal opende ermee.

Zelf heb ik er de laatste jaren niet meer echt bij stilgestaan. Maar net als al die anderen, kan ik me zonder moeite tientallen voorvallen voor de geest halen. Dat mannen over de grens van fatsoen zijn gegaan, en dat je als meisje/jonge vrouw toch wel heel vaak je ongemakkelijk of ronduit onveilig voelt ’s nachts alleen op straat wanneer een loser schunnige opmerkingen maakt.

Ik vond het dus een kei relevant stuk, en nog relevanter dat het aandacht kreeg. Zijn we dat allemaal niet teveel als “normaal” gaan zien, en zou er niet meer mogen ingezet worden op sensibilisering om klachten in te dienen, op procedures dat die klachten ook leiden tot iets, en op preventie door meer met (jonge) mannen in debat te gaan dat sommige zaken gewoon echt niet door de beugel kunnen?

Nu zijn ze nog klein, maar hoe ga ik me straks voelen als mijn meisjes hun vleugels beginnen uitslaan?

Zo jammer dan ook dat dit debat, over een kwetsbaar onderwerp, meteen ook weer tot polarisatie moet leiden. Op CharlieMag.be kwamen er enkele vrouwen snel op de proppen met stellingen dat zij nog nooooit zoiets hadden meegemaakt. Dat het toch wel van de pot gerukt was om mannen zo te stigmatiseren. Op De Morgen.be kwam er een vrije tribune van een jonge vrouw die zich evenmin aangesproken voelt, die vindt dat er nu net wel heel erg overdreven wordt met die #wijoverdrijvenniet en dat er een groot verschil is tussen nageroepen worden en aanranding. Ik denk dat al die tegenstemmen zinnige dingen zeggen. Maar niemand in het debat met de persoonlijke getuigenissen heeft ooit beweerd dat alle mannen perverten zijn, dat alle vrouwen per definitie “slachtoffer” zijn en dat nageroepen worden op dezelfde manier bestraft zou moeten worden als aanranding.

Mag het dan ook gewoon eens alstublieft een sereen debat blijven? Over een onderwerp dat sowieso al gevoelig ligt, en waarin het fijn zou zijn als vrouwen, als meisjes, elkaar gewoon eens voluit steunen en niet wederom een catfight starten over wie het nu bij het juiste eind heeft? Kunnen we gewoon eens allen samen verrukt zijn dat er –hoera- een vrouwenblad opstaat, uit de grond gestampt en gerund door vrouwen- met geen blad voor de mond en de ambitie om een verschil te maken? Zonder photoshoppen, zonder cynisme, zonder beperkende kpi-cijfers. Met veel goesting, gezond verstand en de kracht van kwetsbaarheid.

Kunnen we ook eens proberen om getuigenissen, verhalen van mensen, van vrouwen én mannen, te laten zijn wat ze zijn en er gewoon eens naar luisteren?

Het lijkt of we dat collectief verleerd zijn. Eens luisteren. Een beetje mildheid. En vooral: het lef om als we zelf iets meemaken en zien, te reageren. Ik denk dat dat me nog het meest een wrang gevoel naliet bij al deze verhalen. In veel gevallen waren er andere mensen bij, en niemand die reageerde of kwam helpen.

Kunnen we proberen om hierin allemaal wat moediger te zijn? Het zal nodig zijn, want #wijoverdrijvenniet.

Volg Pitcoaching via